Donders Wonders Blog

Kunnen we uitgestorven dieren weer tot leven wekken?

This post is also available in Engels.

Allerlei diersoorten op aarde staan op het punt uit te sterven. Kunnen we nog een stapje terug? Wat als uitsterving niet permanent zou zijn? ‘Ontuitsterving’, de biologie van de wederopstanding, de terugkeer van levenssoorten – of hoe je het ook wilt noemen – kan een belangrijke stap zijn in het terugbrengen van leven op onze planeet. Hoe werkt het?

Diersoorten sterven sneller uit dan ooit tevoren – voornamelijk door activiteiten van de mens. Mensen jagen dieren weg uit hun natuurlijke habitat om het land te gebruiken voor woningen en landbouw. Mensen jagen en vissen ook, soms zo veel dat het laatste dier van een soort van de aardbodem wordt weggeveegd. Dit is wat gebeurd is met de trekduif, waarvan het laatste dier in 1914 stierf. Trekduiven waren blijkbaar zó lekker dat mensen op ze jaagden tot er niet één meer over was. Als we diersoorten zo makkelijk kunnen laten verdwijnen, kunnen we ze dan ook weer tot leven wekken? Is ontuitsterving mogelijk?

Wat is ontuitsterving?

De ontuitstervingsbeweging kreeg veel media-aandacht in 2013, toen Revive & Restore, een Amerikaanse non-profit organisatie, het TEDxDeExtinction evenement organiseerde. Het idee achter deze beweging is het herintroduceren van een uitgestorven diersoort in zijn vroegere habitat. Ontuitsterving kan via drie manieren gebeuren: klonen, genbewerking en selectief fokken. De eerste twee manieren zijn nieuwe technieken, maar selectief fokken doen we al duizenden jaren (selectief fokken is wanneer we twee dieren kiezen met gewenste eigenschappen en deze dieren fokken).

Een oude techniek: Selectief fokken

Een voorbeeld van het succes van een type selectief fokken, ‘terugfokken’, komt van de oeros, de voorvader van alle getemde koeiensoorten. Ooit kwam deze diersoort voor in heel Europa, maar op de oeros werd gejaagd tot hij was uitgestorven in 1627. Gelukkig voor ons bleven stukken van zijn DNA over in verschillende koeiensoorten. Wetenschappers brachten eerst het hele DNA van de oeros in kaart. Vervolgens fokten zij bepaalde koeiensoorten om nieuwe koeien te maken die meer op de oeros leken. Dan werden de nieuwe koeien weer met elkaar gekruist. Meerdere generaties van de oeros moeten worden gefokt om zo dicht mogelijk tot het origineel te komen. De pogingen tot nu toe zijn vrij succesvol.

Twee nieuwe technieken: klonen en genbewerking

Kunnen we ook diersoorten weer tot leven wekken die al duizenden jaren geleden zijn uitgestorven, zoals de wolharige mammoet? In theorie wel, door gebruik te maken van klonen en genbewerking. In het geval van klonen, moeten we eerst een levende cel van een mammoet hebben. Dat is hoe klonen werkt: de kern van een somatische cel (een lichaamscel) wordt in een eicel gestopt, waarvan de originele kern is verwijderd. Dan wordt deze eicel gestimuleerd met een lichte stroomschok, waarna de cel begint te splitsen. Nu kan de gesplitste eicel in een echte of kunstmatige baarmoeder geplaatst worden. Voor nu is het klonen van een mammoet een vergezocht waanbeeld. Maar, eerder in dit jaar lukte het wetenschappers om kernachtige structuren uit een goed-bewaarde mammoet te halen en ze in oöcyt (een onvolwassen eicel) van een muis te plaatsen. Het is alleen nog niet gelukt om deze cel dan te laten delen tot mammoetcellen.

Een meer rendabele optie om binnenkort een wolharige mammoet in de dierentuin te zien is genbewerking. Het resultaat van genbewerking zou een soort mix zijn tussen een olifant en een mammoet. Het dichtstbijzijnde, nog levende, familielid is de Aziatische olifant en die ziet er nogal anders uit dan de wolharige mammoet. Maar, genetici denken dat ze een Aziatische olifant in een mammoet kunnen veranderen door zijn genen te bewerken. Hiervoor gebruiken ze een techniek die CRISPR/cas9 heet. Deze techniek is uitgevonden in 2012 en kan de genen van een levend dier aanpassen door heel precies bepaalde genen toe te voegen of weg te halen. Hoewel CRISPR/cas9 ongelofelijk effectief is in het maken van aanpassingen in iemands genen, is het niet makkelijk om een Aziatische olifant in een mammoet te veranderen. Genetici schatten dat er 1.5 miljoen verschillen zitten tussen de genen van deze twee diersoorten. Daar komt nog bij dat de Aziatische olifant zelf met uitsterven wordt bedreigd. Willen we wel een bedreigde diersoort als proefkonijn gebruiken om een mammoet te maken?

Dit keer zal ik de ethische overwegingen achterwege laten; ik zou daar nog een blog voor nodig hebben. Wat belangrijk is, is dat wetenschappelijke vooruitgang van de afgelopen decennia ervoor zorgen dat we onvoorstelbare dingen kunnen: uitgestorven diersoorten weer tot leven wekken. Het is nu aan de wetenschap en alle betrokken partijen om te bepalen hoe we deze technieken zo goed mogelijk kunnen gebruiken.

Originele taal: Engels

Credits
Auteur: Julija Vaitonyte
Buddy: Christienne Gonzales Damatac
Editor: Mónica Wagner
Vertaler: Wessel Hieselaar
Editor Vertaling: Jill Naaijen
Uitgelichte afbeelding door Stefan Keller via Pixabay (license)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Categorieën