Hoe iets Googlen je geheugen verandert

Met praktisch alle informatie ter wereld maar één klik van ons verwijderd zijn we minder geneigd dingen te leren of voor langere tijd te onthouden.

This post is also available in Engels.

Heej Google! Wat is de snelste route naar het Goffert park? Hoeveel ibuprofen mag ik op een dag innemen? Oh en hoeveel gram is een eetlepel suiker ook alweer?

De dagen dat we via omwegen door de stad moesten fietsen of naarstig moesten zoeken naar die bijsluiter in ons medicijnkastje zijn voorbij. Nu kunnen we het internet gebruiken als een soort extern brein dat alles voor ons onthoudt en welke op elk moment een benodigd feit kan opsnorren. Maar hiermee verandert hoe we leren en informatie onthouden.

Makkelijker te vinden, moeilijker te onthouden.

Wanneer we iets opzoeken op het internet, onthouden we het minder goed dan wanneer we informatie via een andere weg achterhalen. In een studie moesten proefpersonen een willekeurig feit (‘hoe oud was het dier dat als eerste in de ruimte was?’) opzoeken met behulp van het internet of een encyclopedie. De proefpersonen die het internet mochten gebruiken bleken achteraf slechter te scoren op een geheugentest en lieten minder breinactiviteit zien in hersengebieden die betrokken zijn bij het onthouden wat iets is.

Maar wat maakt dan dat juist het internet ons geheugen verslechtert? Een belangrijke factor is het gemak waarmee de informatie opnieuw te vinden is. Proefpersonen in een andere studie moesten online feiten vinden, ofwel door zelf op het internet te zoeken, ofwel door simpelweg op een link te klikken. De groep die moest zoeken wist waar de informatie te vinden was, in tegenstelling tot de groep die die de link kreeg. Als mensen dus weten dat ze heel makkelijk toegang hebben tot informatie, zijn ze minder geneigd die informatie zelf te onthouden.

Makkelijker te vinden, sneller te delegeren

Dit zogenaamde ‘Google-effect’ op ons geheugen komt waarschijnlijk door het simpele feit dat als informatie zo makkelijk vindbaar is, dit het leren overbodig maakt. Op een bepaald niveau weten we dat de informatie makkelijk opnieuw te vinden is, en dus delegeren we deze taak naar het internet. Dit cognitief ontlasten is niet iets nieuws – we besteden het onthouden van dingen al langer uit aan kalenders, adresboekjes, lijstjes, en zelfs andere mensen. Maar puur alleen de omvang en toegankelijkheid van online informatie maakt dat dit delegeren nu op veel grotere schaal plaatsvindt.

Is het een probleem?

Voor velen waren deze bevindingen alarmerend, en men waarschuwde dat onze afhankelijkheid van het internet als extern geheugen voorkomt dat we tot diepere gedachtes komen. Want overpeinzingen komen voort uit verbindingen die we maken in ons geheugen binnen een rijke structuur van herinneringen en kennis. Een ander perspectief is dat in de huidige informatierijke samenleving, een geheugen vol feitjes misschien minder nuttig is dan het vermogen snel informatie te kunnen vinden. In die zin is deze verandering in ons cognitief functioneren simpelweg een afspiegeling van wat relevant is in onze omgeving. Ongeacht wat je hier zelf van vindt is het misschien wel een goed idee om de meest belangrijke dingen op papier te zetten: je weet immers nooit wanneer de stroom een keer uitvalt…

Author: Rebecca Calcott

Buddy: Felix Klaassen

Editor: Marisha Manahova

Translation: Floortje Bouwkamp

Editor translation: Jill Naaijen

Photo by Tamas Tuzes-Katai on Unsplash

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Categories