Het nieuwe (thuis)werken
Thuiswerken is uitdagend, maar kan je leren uiterst efficiënt te zijn door te werken in korte cycli, goede pauzes te houden en door werk en privé te integreren in plaats van te scheiden.
cognitief functioneren
Thuiswerken is uitdagend, maar kan je leren uiterst efficiënt te zijn door te werken in korte cycli, goede pauzes te houden en door werk en privé te integreren in plaats van te scheiden.
Overal om ons heen is informatie; hoe kunnen we weten of het betrouwbaar is?
Je ervaring wordt beïnvloed door verwachtingen en verbale communicatie, maar wordt ook positiever naarmate meer tijd verstrijkt.
Dreiging! De een rent weg en de ander gaat het gevecht aan. Hoe beslissen we wat we gaan doen? Uit onderzoek blijkt dat onze lichamelijke verstijvingsreactie een rol speelt bij dit soort keuzes.
Stel je voor dat elk detail dat je ziet, hoort, of ruikt tegelijkertijd gedachten losmaakt. Van elk kleine tekstje op een verpakking tot grote schreeuwende reclames, van gefluister dichtbij tot het verkeer in de verte… Het is simpelweg te veel om tegelijk te kunnen ervaren. Dit heet “zintuiglijke overbelasting”.
Nieuwsgierigheid is een belangrijke drijfveer in onze zoektocht naar kennis. Onderzoek wijst uit dat we vooral nieuwsgierig zijn naar informatie die onze wereld minder onzeker maakt
Om betere producten, ideeën, of situaties te creëren is het belangrijk de juiste elementen toe te voegen maar vaak ook juist weg te laten. Onderzoek toont aan dat mensen dit niet van nature doen…
Wordt gedrag vooral bepaald door genen (nature) of door opvoeding en omgeving (nurture)? Nature en nurture zijn niet precies als kip en ei, maar meer als één stoofpot van kip en ei die ons hele leven staat te sudderen, en voortdurend geroerd en gekruid wordt.
Druk je gezicht in een dik pak sneeuw en de afdruk lijkt net echt. Deze optische illusie verklapt iets over hoe het brein werkt.
De manier waarop mentale stoornissen in de maatschappij en popcultuur worden afgebeeld mist vaak de nuances die horen bij het leven met een mentale stoornis. Gaan we met onze karakterisering van psychiatrische stoornissen (vaak gebaseerd op dramatische en simplistische karikaturen) voorbij aan het herkennen van iets fundamenteels dat we allen in bepaalde mate delen ondanks de grenzen van de diagnostiek?