Bacteriën uit de grond, oh zo gezond!

Frisse lucht, lichaamsbeweging, even weg uit de dagelijkse sleur: buiten zijn is gezond, dat weten we allemaal. Naar aanleiding van Brits onderzoek wordt nu gesuggereerd dat zelfs bacteriën uit de grond hun steentje bijdragen aan ons welbevinden. Reden te meer om van tuinieren de nieuwste health-hype te maken. Of toch niet?

Ik kom uit een klein gehucht in Brabant. Daar heb ik vroeger heel wat afgespeeld in de buitenlucht. En af en toe moest ik van mijn ouders helpen in de tuin, onkruid wieden. Dat nam ik ze niet in dank af. Maar bij nader inzien was het misschien wel goed voor mijn welbevinden. Althans, als ik de reactie van fervente tuiniers op Brits onderzoek moet geloven. Dit onderzoek laat zien dat een bacterie uit de grond in muizen invloed heeft op hersenstoffen betrokken bij het regelen van je gemoedstoestand. Ik vroeg gepensioneerd hoofddocent Bruce Jenks van het Donders Instituut of bacteriën in de modder je inderdaad gelukkig kunnen maken.

De mens als ecosysteem
De mens is meer dan een organisme; de mens is een ecosysteem. Op en in ons leven ontelbaar veel micro-organismen (bacteriën bijvoorbeeld) die onmisbaar zijn voor ons functioneren. Zo leven er micro-organismen in ons darmkanaal die helpen bij de vertering van ons eten. Ook op onze huid vervullen deze onzichtbare organismen een belangrijke rol. Bruce: ‘Het idee dat ze daarnaast effect hebben op onze mentale gezondheid bestaat al langer, maar er is nog niet zoveel bewijs voor. Het Britse onderzoek laat duidelijk zien dat de bacterie M. vaccae inderdaad invloed kan hebben op het muizenbrein en ondersteunt daarmee dat idee.’

Van bacterie naar het brein
De Britse onderzoekers dienden muizen kunstmatig M. vaccae toe. Omdat de grens naar het brein streng bewaakt wordt, kan zo’n bacterie zelf niet in het brein terecht komen. Hoe kan een bacterie dan toch invloed hebben op het brein? Daar komt het immuunsysteem van pas. Ons immuunsysteem reageert op binnendringers door immunofactoren aan te maken. Dat zijn moleculen in het bloed die wel de grens naar het brein kunnen passeren. Het immuunsysteem van de muizen reageerde inderdaad op M. vaccae. In hun brein activeerden de immunofactoren cellen die de stof serotonine aanmaken. Serotonine speelt een belangrijke rol in emotieregulatie in zowel muizen als mensen. Een veelgebruikt medicijn voor depressie werkt bijvoorbeeld door serotonine in het brein te verhogen.

Maakt modder echt gelukkig?
Of modder echt gelukkig maakt of antidepressiva kan vervangen, kunnen we volgens Bruce uit dit onderzoek niet concluderen. Oké, de muizen reageerden minder gestrest toen ze gedwongen werden te zwemmen (muizen houden niet van zwemmen). Maar hoe meten we geluk in dieren? En hoeveel van die bacteriën zijn er nodig om het immuunsysteem te activeren? Krijgen we er wel genoeg van binnen als we tuinieren?

Kortom, niet voldoende bewijs om met z’n allen massaal de tuin te gaan bearbeiden. Maar het kan natuurlijk zeker geen kwaad om straks de bloembollen weer te poten, of een wandeling te maken. Het is herfst, mijn favoriete seizoen; ik zeg lekker naar buiten toe!

Meer informatie
Bronartikel
Recente reactie op het Britse onderzoek

Tags:
2 Comments

Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *