Uitdrukkingen gebruiken om je gesprek te stroomlijnen

This post is also available in Engels.

Uitdrukkingen zoals de boot missen maken taal makkelijker te begrijpen en sneller te verwerken voor mensen in hun moedertaal vergeleken bij mensen die de taal leren: hoe werkt dat?

Afbeelding door Goodloe Byron met dank aan The Download Podcast.

Heb je ooit de boot gemist? Letterlijk of figuurlijk?

Ons dagelijks taalgebruik zit vol met uitdrukkingen die niet altijd letterlijk bedoeld zijn. Vroege schattingen suggereren dat de gemiddelde persoon in zijn moedertaal ongeveer 21.4 miljoen keer een uitdrukking gebruikt over een zestigjarig leven², of dat onze woordenschat ongeveer evenveel uitdrukkingen bevat als losse woorden¹.  Dit gaat dan om idiomatische uitdrukkingen zoals het voorbeeld uit de opening, dat betekent: een kans laten schieten. Al in 1975 concludeerde John Searle⁴ dat we slechts één vuistregel gebruiken: spreek idiomatisch tenzij er een reden is om dat niet te doen.

De wetenschap achter de uitdrukkingen            

Modern onderzoek heeft Searle’s regel keer op keer bewezen, wat suggereert dat onze neiging om uitdrukkingen te gebruiken wellicht komt door de vele positieve aspecten van figuurlijk taalgebruik. Er wordt tijdens het lezen bijvoorbeeld minder tijd besteed aan het kijken naar het woord aan het eind van een idioom dan naar het eind van een letterlijke zin. Dit suggereert dat er minder aandachtsprocessen nodig zijn als er een figuurlijke zin wordt gelezen⁵,⁶. Tekst met uitdrukkingen worden ook sneller gelezen dan volledig letterlijke teksten⁵,⁶.  Dit fenomeen heeft snel zijn eigen naam gekregen: the idiom superiority effect (idioom superioriteits-effect). Moderne neurowetenschap heeft sindsdien gesuggereerd dat visuele processen en zelfs integratie van woordbetekenis minder worden betrokken bij idiomen dan bij letterlijke taal³. Het lezen van letterlijke woorden in een idiomatische uitdrukking is misschien semantisch ‘leeg’: zodra we weten dat een zin een uitdrukking is stoppen we met het verwerken van woorden in hun letterlijke betekenis. De betekenis van losse woorden wordt irrelevant voor ons aangezien het voor de betekenis gaat om het geheel om de zin te begrijpen. Als een oud persoon het loodje heeft gelegd, maakt het ons niet echt uit wat met een loodje letterlijk wordt bedoeld. Het zou zelfs het lezen meer verstoren dan helpen.

Uitdrukkingen in een vreemde taal

Ondanks de uitgebreid geteste positieve effecten van figuurlijk taalgebruik is er relatief weinig aandacht geschonken aan dit type taalgebruik in de klas. In je moedertaal worden deze uitdrukkingen simpelweg geleerd door steeds door de taal omgeven te zijn. Echter, als je een buitenlander bent die zijn weg probeert te banen door een nieuwe taal kan een idioom moeilijk onder de knie te krijgen zijn. Hoe moet je weten wat het loodje leggen betekent als niemand je uitgelegd heeft dat het niet betekent dat iemand een stukje lood ergens neerlegt?

In mijn onderzoek probeer ik dit idiomatische web stukje bij beetje te ontrafelen. Idiomen verschillen op nog veel meer aspecten dan dat ik ruimte heb om in deze blog uit te leggen, en sommige uitdrukkingen zijn makkelijker te leren voor buitenlanders dan anderen. Ik hoop zo ooit de lucht te klaren over wat figuurlijke taal zo bijzonder maakt: zo makkelijk in je moedertaal, maar toch zo moeilijk voor mensen die de taal leren.

 

Deze blog is geschreven door Wendy van Ginkel. Redactie door Monica Wagner. Vertaling door Rowena Emaus.

Wendy van Ginkel is een PhD kandidaat op het Donders Centrum voor Cognitie. Wendy onderzoekt begrip van figuurlijk taalgebruik in het Nederlands bij moedertaal sprekers en sprekers van het Nederlands als tweede taal. Dit doet ze om de onderliggende cognitieve verwerkingsmechanismen en representaties te ontrafelen die figuurlijke taal anders maken dan letterlijke taal.

Voor meer informatie over haar onderzoek, projectgroep, en om je eigen kennis van Nederlandse idiomatische uitdrukkingen te testen, kijk op: http://isla.ruhosting.nl/.

(On June the 18th and 19th, the Idiomatic Second Language Acquisition (ISLA) research group is hosting a workshop on figurative language processing at the Radboud University. During this multidisciplinary workshop, speakers from international research groups will present their findings on formulaic language in native and non-native speakers from different perspectives, such as psycholinguistics, second language acquisition, and computational modelling. If you’re interested in joining us in unravelling the web that is figurative language processing, you can find more information on the workshop via this link.)

 

Referenties

1: Jackendoff, R. (1997). The architecture of language faculty. Cambridge, MA: MIT Press.
2: Pollio, H., Barlow, J., Fine, H., & Pollio, M. (1977). Psychology and the poetics of growth: Figurative language in psychology, psychotherapy, and education. Hillsdale, NJ: Lawrence Erlbaum Associates.
3: Rommers, J., Dijkstra, T. & Bastiaansen, M. (2013). Context-dependent semantic processing in the human brain: Evidence from idiom comprehension. Journal of Cognitive Neuroscience, 25(5), 762-776.
4: Searle, J.R. (1975). Indirect speech acts. In P. Cole & J.L. Morgan (Eds.), Syntax and semantics. Speech acts (pp. 59–82). New York: Academic.
5: Siyanova-Chanturia, A., Conklin, K. & Schmitt, N. (2011). Adding more fuel to the fire: An eye- tracking study of idiom processing by native and non-native speakers. Second Language Research, 27(2), 251-272.
6: Underwood, G., Schmitt, N. & Galpin, A. (2004). The eyes have it. Formulaic Sequences: Acquisition, processing, and use, 9, 153.

Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *