Wat hebben depressie en het immuunsysteem met elkaar gemeen?

This post is also available in Engels.

Het groeiende veld van de neuro-immunologie biedt een nieuwe benadering voor het behandelen van depressie. Hoe zijn de vakgebieden van de psychiatrie en immunologie aan elkaar gerelateerd?

Depressie is een van de meest voorkomende gezondheidsproblemen. Wereldwijd lijden zo’n 300 miljoen mensen aan depressie. Ondanks deze aantallen hebben huidige behandelingen met psychotherapie, medicatie of een combinatie van deze twee maar een minimaal effect voor een groot deel van de patiënten.

Depressie werd voor het eerst met medicatie behandeld in de jaren 80. De eerste vorm van medicatie was gebaseerd op het idee dat een tekort aan bepaalde chemische boodschappers in de hersenen (neurotransmitters) de oorzaak van depressie was. Wetenschappers dachten dus dat depressie behandeld kon worden door het verhogen van de levels van neurotransmitters als serotonine en norepinephrine.

Het probleem was altijd dat de theorie van lagere levels van serotonine en norepinephrine als de oorzaak van depressie onvoldoende consistent bewijs had. Dit verklaart wellicht waarom medicatie maar beperkt effect heeft gehad op het verbeteren van de stemming van depressieve mensen. Wetenschappers denken nu dat de oorzaak van depressie kan worden gevonden in het immuunsysteem, volgens een nieuwe theorie die “de cytokine hypothese” genoemd wordt.

Wat vertelt “de cytokine hypothese” ons?

Om te garanderen dat we beschermd worden tegen externe bedreigingen als virussen, bacteriën etc., triggert ons lichaam een type immuunrespons: inflammatie. In het geval van inflammatie vraagt ons immuunsysteem hulp van macrofagen, de beschermcellen die onze immuun veiligheid garanderen. Macrofagen bevinden zich op bepaalde plaatsen in ons lichaam en vallen biologische indringers aan door ze te vernietigen. Het is alsof jouw goede cellen, de macrofagen, de slechte cellen opeten. De macrofagen maken zelf ook cytokines aan, die verder worden vrijgelaten door het menselijk lichaam om andere cellen (en andere macrofagen) te alarmeren over de indringers die vernietigd moeten worden. Cytokines zijn zelfs in staat om door de bloed-brein barrière te gaan en microglia te informeren, de (andere) naam van de macrofagen in onze hersenen.

De activiteit van cytokines is niet enkel het aanvallen van “biologische aliens” als bacteriën en virussen. Cytokines worden ook vrijgelaten wanneer een persoon gestrest is, wat voor onnodige inflammatie kan zorgen. Deze inflammatie is onnodig aangezien er geen fysieke bedreiging is. Vanwege de sterke link tussen het immuunsysteem en de hersenen denken wetenschappers dat het stimulerende effect van stress op het immuunsysteem ook ons hersenfunctioneren kan beïnvloeden. Er is al onderzoek uitgevoerd dat stelt dat inflammatie veranderingen in het werken van de hersenen kan veroorzaken, wat kan leiden tot de ontwikkeling van psychiatrische symptomen.

Kansen voor de toekomst

Hoewel we nog niet weten hoe inflammatie depressie kan veroorzaken, geeft deze onderzoeksrichting kansen voor de ontwikkeling van nieuwe medicatie. Nieuwe vormen van de behandeling van depressie kunnen worden ontworpen om in te werken op de biologische mechanismen die betrokken zijn bij de inflammatie respons. Dit kan vooral voordelen opleveren voor mensen waarbij depressie getriggerd is door stress.Er is nog steeds een lange weg te gaan voor we de “genezing” van depressie vinden. Als je meer wilt weten over de causale links tussen depressie, lees dit of een geweldig boek van Edward Bullmore: Het ontstoken brein.

Originele taal: Engels

Auteur: Julija Vaitonyte
Buddy: João Guimarães
Editor: Marisha Manahova
Vertaler: Jill Naaijen
Editor vertaling: Wessel Hieselaar

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *